Ga direct naar:

Faunafonds trekt op verzoek provincies zomerplafond ganzenschade in

10 Nov 2015

Dit jaar zou een landelijk financieel plafond in werking treden voor tegemoetkomingen in faunaschade veroorzaakt door inheemse ganzen in de periode 1 april – 30 september; het zogenaamde zomerplafond. De provincies hebben verzocht het plafond in te trekken. Het Faunafonds heeft dit verzoek overgenomen wat betekent dat de verminderende tegemoetkoming aan boeren die ganzenschade hebben in de zomerperiode voor 2015 en 2016 van tafel is.

Recent is gebleken dat er onvoldoende wettelijke basis is voor de instelling van een dergelijk plafond. Daarom hebben de provincies het Faunafonds verzocht het zomerplafond vooralsnog in te trekken en deze niet toe te passen. Het Faunafonds heeft op 9 november besloten om gevolg te geven aan dit verzoek.

Ganzen veroorzaken veel schade aan met name grasland. In 2014 bedroeg de totale schade door inheemse beschermde ganzen in de periode van 1 april tot 30 september 3.8 miljoen euro.

Het Faunafonds is verantwoordelijk voor de vaststelling van de tegemoetkomingen in deze schade. Met ingang van 2014 is de financiering van het Faunafonds overgeheveld van het rijk naar de provincies. De provincies hebben in 2011 met het kabinet afgesproken dat de open-eind regelingen voor de vergoeding van dergelijke schade ingeperkt zouden worden. Ter uitvoering hiervan heeft het Faunafonds met ingang van dit jaar op verzoek van de provincies het zomerplafond voor ganzenschade ingesteld. Het plafond zou dit jaar voor het eerst worden toegepast.

Meta informatie van dit bericht

Bij Unit Faunafonds

Vorige bericht

Gezamenlijke aanpak ganzenschade

Volgende bericht

Geen inspanningsverplichting in ganzenrust- en foerageergebieden voor tegemoetkoming schade

Over deze unit

Het Faunafonds, bekend als adviseur en uitvoerder van taken op het gebied van onder meer faunaschade aan landbouwgewassen, is een kennis- en adviescentrum en werkt voor burgers, agrarische ondernemers, provincies en het ministerie van EZ.

Naar de overzichtspagina

BIJ12 elders op het internet