Stikstofbanken

Eén van de oplossingen voor het verkrijgen van inzicht in de beschikbare stikstofdepositieruimte voor vergunningen is de registratie van deze ruimte in stikstofbanken. Een stikstofbank is een systeem waarin vrijgekomen stikstofdepositieruimte wordt geregistreerd.

Werking van een stikstofbank

Er zijn verschillende stikstofbanken: de Rijksbanken, de provinciale doelenbanken en de microdepositiebank. De bevoegde gezagen kunnen met behulp van deze banken de vulling en uitgifte van stikstofdepositie voor vergunningverlening bijhouden. Het systeem waarin zij de vrijgekomen en uitgegeven stikstofdepositieruimte in de stikstofbanken bijhouden heet AERIUS Register.

Stikstofbank, hoe werkt het eigenlijk?

In een stikstofbank wordt stikstofdepositieruimte opgeslagen. Dit kan bijvoorbeeld ruimte zijn die ontstaat door het intrekken van natuurvergunningen: de stikstofdepositieruimte uit een vergunning wordt bewaard om op een later moment in te zetten als mitigerende maatregel (extern salderen) bij vergunningverlening.

Vulling met stikstofruimte

In een stikstofbank wordt vrijgekomen (vrijgemaakte of vrijgevallen) stikstofdepositieruimte geregistreerd.

Vrijgemaakte ruimte is stikstofruimte die vrijkomt door het uitvoeren van bronmaatregelen. Bijvoorbeeld omdat een provincie een bedrijf opkoopt en (een deel van de) stikstofdepositie in de natuurvergunning van dit bedrijf in de stikstofbank registreert.

Vrijgevallen ruimte is stikstofruimte die beschikbaar komt wanneer er na extern salderen stikstofruimte overblijft. Omdat een saldogever en een saldo-ontvanger zich nooit op exact dezelfde locatie bevinden ten opzichte van stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, is er op bepaalde hexagonen meer stikstofruimte beschikbaar is dan nodig is. De overgebleven ruimte is ‘vrijgevallen’ ruimte. Deze laatste wordt door de provincies geplaatst in de Microdepositiebank.

Verplichtingen voor gebruik

Voor stikstofbanken geldt de volgende wet- en regelgeving:

  • Wet natuurbescherming (Wnb) en Regeling natuurbescherming (Rnb). Na inwerkingtreding van de omgevingswet: de Omgevingsregeling en het Omgevingsbesluit.
  • Stikstofbanken maken gebruik van AERIUS. Berekeningen vloeien voort uit AERIUS Calculator, AERIUS Register wordt gebruikt voor de opslag en uitgifte van stikstofdepositieruimte.
  • Uitgangspunt bij een stikstofbank is dat maximaal 70% van vrijgemaakte depositieruimte uitgegeven mag worden aan vergunningverlening voor projecten. Minimaal 30% van de depositieruimte mag dus niet opnieuw worden gebruikt voor vergunningverlening. In de praktijk noemen we dit ‘afromen’.
  • Voor vulling en uitgifte wordt door bevoegde gezagen gebruik gemaakt van de handreiking Stikstofbank waar de afgestemde werkafspraken in zijn opgenomen.
  • Het bevoegd gezag toetst of de beschikbare ruimte niet nodig is voor stikstofreductie en natuurherstel, het zogenaamde additionaliteitsvereiste.
  • Uitgifte vindt plaats door middel van natuurvergunningen en andere toestemmingsbesluiten (zoals een Tracébesluit).

Soorten stikstofbanken

Er zijn verschillende soorten stikstofbanken:

  • Rijksbanken
    Rijksbanken zijn stikstofbanken waarin stikstofdepositieruimte wordt geregistreerd door landelijke maatregelen vanuit het Rijk die de stikstofneerslag verminderen. Stikstofdepositieruimte uit Rijksbanken is bedoeld voor grote maatschappelijke projecten, zoals de energietransitie, het legaliseren van PAS-meldingen en woningbouwprojecten. Eén van de Rijksbanken is het Stikstofregistratiesysteem (SSRS).
  • De provinciale doelenbanken
    Bij provinciale doelenbanken zijn provincies verantwoordelijk voor het vullen en uitgeven van stikstofdepositieruimte in/uit hun bank. Deze banken bieden provincies een extra mogelijkheid om natuurvergunningen te verlenen voor initiatieven waarbij stikstof wordt uitgestoten, bijvoorbeeld lokale projecten of woningbouw.
  • Microdepositiebank
    Ook is er één Microdepositiebank opgericht. De stikstofdepositieruimte uit deze bank wordt gebruikt voor projecten waarbij weinig stikstofdepositie plaatsvindt. Projecten die maximaal 0,05 mol/ha/jaar aan depositie veroorzaken kunnen gebruik maken van ruimte uit de Microdepositiebank. Dit kan ook voor projecten die na extern salderen of na gebruik van ruimte uit een andere bank nog steeds maximaal 0,05 mol/ha/jaar tekort komen. Als initiatiefnemer is het lastig om hiervoor zelf depositieruimte te organiseren. Met ruimte uit de microdepositiebank wordt geprobeerd om deze initiatieven toch door te laten gaan.